Uitgelichte resultaten

11,4 miljoen mensen met een betere voedselinname

1,2 miljoen boerenbedrijven met verhoogde productiviteit en inkomen

670,000 hectare land eco-efficiënter gebruikt

110,000 mensen verkregen landgebruiksrechten

113,000 vrouwen verbeterden hun positie in de landbouw

Aanvullende bronnen

Beleidsbrief

Lees de Beleidsbrief voor voedselzekerheid

Theory of Change

Download pdf-document met de Theory of Change

Inleiding

Het voedselzekerheidsbeleid draagt bij aan de doelen van SDG 2: uitbannen van ondervoeding, verdubbelen van productiviteit en inkomen van kleinschalig producerende boeren – vrouwen en mannen - en verduurzamen van voedselproductiesystemen. De urgentie is hoog, want de afgelopen jaren is honger in de wereld weer toegenomen. Voor Nederland is een realistische bijdrage aan SDG 2 bepaald en vertaald in drie lange-termijn doelen die we gerealiseerd willen hebben in 2030:

Uitbannen ondervoeding van 32 miljoen mensen, met name kinderen. Verdubbeling productiviteit en inkomen van 8 miljoen kleinschalig producerende boerenbedrijven.Duurzaam gebruik van 7,5 miljoen hectare (bestaande) landbouwgrond.

Naast activiteiten die direct op deze doelen gericht zijn, werken we ook aan betere randvoorwaarden voor voedselzekerheid. Het gaat daarbij om kennis en capaciteit, private-sectorontwikkeling, landgebruiksrechten, positie van vrouwen en samenhang met andere sectoren en thema’s. In deze rapportage brengen we ook daarvan een aantal resultaten in beeld.

Resultaten 2018

De resultaten laten zien dat de omvang van de inzet om de gestelde doelen te halen over het algemeen voldoende is. Er worden genoeg ondervoede mensen en kleinschalige producerende boeren bereikt om de door Nederlandse gestelde doelen in 2030 te halen. Alleen het aantal hectares landbouwgrond met duurzaam gebruik blijft vooralsnog achter. We zien ook aantoonbaar positieve effecten, zoals op het gebied van voedselinname, productiviteit, markttoegang, beheer van natuurlijke hulpbronnen en schokbestendigheid. De duurzaamheid van deze effecten op lange termijn is in veel gevallen nog niet vast te stellen. Dat willen we in de toekomst beter in beeld brengen om zo onze bijdrage aan de wereldwijde doelstellingen voor 2030 te kunnen laten zien (uitbannen ondervoeding, verdubbeling van productiviteit en inkomen van boerenbedrijven en duurzaam landgebruik). Om die lange termijn effecten te kunnen meten is verdere methodologieontwikkeling vereist.

De rapportage belicht ook een drietal randvoorwaarden voor voedselzekerheid: landgebruiksrechten, positie van vrouwen en kennis en innovatie. De resultaten wijzen uit dat ook hieraan substantieel wordt bijgedragen.

Resultaatgebieden

Ondervoeding Landbouw Duurzaamheid Randvoorwaarden

Uitgelicht project voedsel- en voedingszekerheid

2SCALE

2SCALE ontwikkelt publiek-private partnerships voor inclusief ondernemen in de agrifoodsector in 8 Afrikaanse landen. 2SCALE ondersteunt inclusieve agribusinessondernemers (mkb en boerenorganisaties) zodat zij beter in staat zijn gezonde voedselproducten te produceren voor lokale markten. 2SCALE wordt gefinancierd door het ministerie van Buitenlandse Zaken met cofinanciering door de private sector en uitgevoerd door IFDC, SNV en BoPInc. Belangrijkste doelstellingen zijn het bereiken van 750.000 kleinschalige boeren (minstens 50% vrouwen) en 1 miljoen consumenten met lage inkomens. Zo heeft 2SCALE in Kenia met Ruth Kinoti, oprichtster van Shalem Investments, gewerkt aan een nieuw businessmodel. Het aantal boeren dat aan het bedrijf levert is daardoor verdubbeld en hun productiviteit is sterk toegenomen. Ook heeft ze met 2SCALE het betaalbare en gezonde voedselproduct Asili Plus op de markt gebracht.

afbeelding: een maisboer van het SONAF partnership in Mali

2SCALE
De website van het programma 2SCALE

Lees op de website meer over het programma 2SCALE en de partnerships

Ondervoeding

Bijdrage aan het uitbannen van ondervoeding in 2030

Nederland streeft ernaar tussen nu en 2030 een einde te maken aan de ondervoeding van 32 miljoen mensen. Verbetering van voedselinname, betere toegang tot voedsel en vergroting van de schokbestendigheid van de voedselvoorziening zijn noodzakelijk om ondervoeding uit te bannen. In de rapportageperiode werden direct 18,5 miljoen mensen, vooral kinderen, bereikt via door Nederland gesteunde voedingsactiviteiten. Binnen die groep was met name sprake van verbetering van de voedselinname. Dit is het effect van directe toediening van voedingssupplementen, vitamines en therapeutische voeding alsook ontwormingskuren. Structureel betere toegang tot voedsel, bijvoorbeeld via markten, en schokbestendigheid werden bij een beperkter aantal mensen vastgesteld.

Resultaatgebied openen

In het afgelopen jaar werden 18,5 miljoen mensen, met name jonge kinderen, direct bereikt door programma’s die bijdragen aan verbeterde inname van voedsel, betere toegang tot voedsel en verhoging van de schokbestendigheid van de voedselvoorziening. Het gaat daarbij om activiteiten zoals screening op ondervoeding, voedingsadviezen, toedienen van voedingssupplementen, therapeutische voeding, extra vitaminen, ontwormingskuren, aanleg van moestuinen en het verschaffen van toegang tot een diverser en gezonder dieet. Binnen de groep van 18,5 miljoen mensen werd bij 11,4 miljoen een daadwerkelijk verbeterde voedselinname op de korte termijn vastgesteld.

Zowel het bereik als de daadwerkelijk verbeterde voedselinname zijn lager dan vorig jaar. Het bereik is met meer dan een derde afgenomen en de verbeterde voedselinname van mensen ligt ongeveer 25% lager. De reden hiervoor is dat een groot programma van UNICEF halverwege het jaar afliep. Inmiddels is er een nieuw programma met UNICEF gestart.

Op de lange termijn streven we naar een duurzaam betere voedingssituatie, waarin ondervoeding is uitgebannen. Dit moet in 2030 voor 32 miljoen mensen gerealiseerd zijn. Hierop is dit jaar nog niet gerapporteerd, omdat deze indicator nog verder wordt uitgewerkt.

Resultaten

Indicator

Voedselinname - Aantal mensen (vooral kinderen) met een betere voedselinname

Voortgang

Op schema

Om de voortgang te beoordelen houdt Nederland bij hoeveel mensen, met name kinderen, direct behandeld zijn voor (ernstige) ondervoeding. Behandelingen voor ondervoeding bestaan uit het verstrekken van aanvullende voeding, extra vitamines, ontwormingsbehandeling of een combinatie daarvan. Door deze interventies verbetert de voedselinname van mensen, waardoor de gezondheid op korte termijn verbetert.

In 2018 zijn er in totaal 18,5 miljoen mensen bereikt. Binnen deze groep kon bij 11,4 miljoen mensen een daadwerkelijk verbeterde voedselinname op korte termijn worden vastgesteld.

De door Nederland ondersteunde projecten hebben in 2018 geresulteerd in een aantoonbare verbetering van de voedselinname van meer dan 11 miljoen mensen, waarvan het merendeel kinderen. In 2016 was dit het geval voor 15,5 miljoen mensen hetgeen neerkomt op een daling van 25%. Dit is te verklaren uit de beëindiging van een groot project van UNICEF halverwege het jaar. Inmiddels is een nieuw project met UNICEF gestart.

Indicator

Toegang tot voedsel - Aantal mensen met betere toegang tot voedsel

Voortgang

Voortgang, niet op schema

Om de voortgang te beoordelen houdt Nederland bij hoeveel mensen hebben geprofiteerd van een betere lokale voedselvoorziening. Deze verbetering vindt bijvoorbeeld plaats door de aanleg van nieuwe moestuinen of een meer divers aanbod in lokale winkels. De voedseltoegang kan ook verbeterd zijn doordat mensen hulp hebben ontvangen bij het verkrijgen van voedsel, bijvoorbeeld door sociale programma’s.

In 2018 zijn er in totaal 18,5 miljoen mensen bereikt. Binnen deze groep kon bij 500 duizend mensen een daadwerkelijk verbeterde toegang tot een gezonder of diverser aanbod van voedsel worden vastgesteld.

De door Nederland ondersteunde projecten hebben in 2018 gezorgd voor een betere toegang tot voedsel voor een half miljoen mensen. Vergeleken met 2016 en 2015 betekent dit een daling. In 2016 ging het nog om 1,3 miljoen mensen. Dit verschil is te verklaren door een groot UNICEF-programma dat halverwege het jaar afliep.

Indicator

Schokbestendigheid van de voedingssituatie - Aantal mensen waarvan de voedingssituatie bestendiger is tegen schokken en stress

Voortgang

Op schema

Om de voortgang te beoordelen houdt Nederland bij hoeveel mensen geprofiteerd hebben van verbeteringen in hun omgeving waardoor ze wat betreft voeding minder kwetsbaar zijn. Hun voedingssituatie wordt versterkt door het opbouwen van buffers voor periodes van tekorten, door droogtebestendige water- en sanitaire voorzieningen en door verbeterde gezondheid en hygiëne.

In 2018 zijn er in totaal 18,5 miljoen mensen bereikt. Binnen deze groep is een verbeterde schokbestendigheid van de voedingssituatie voor 3 miljoen mensen vastgesteld.

De door Nederland ondersteunde projecten hebben in 2018 gezorgd voor een stabielere voedingssituatie voor meer dan 3 miljoen mensen. Dit is bijna drie keer zo veel als in 2016. De verklaring voor deze stijging is een UNICEF-project dat in de eindfase hoog scoorde op deze indicator.

Developing Human Capital in Rwanda

Developing Human Capital in Rwanda

Doel van het 5-jarige Developing Human Capital-project is voorkomen dat kinderen ondervoed raken. Het project wordt uitgevoerd door UNICEF in samenwerking met lokale partners in 14 districten in heel Rwanda. Er wordt gewerkt met een geïntegreerde benadering. Dit betekent dat er aandacht is voor meerdere oorzaken van ondervoeding. Essentieel in deze aanpak zijn de Early Childhood Development Centres, waarin onder andere kinderopvang wordt aangeboden. Ook wordt via deze centra kennis verspreid onder de lokale bevolking over het belang van goede voeding. Daarnaast zijn deze centra nauw verbonden met de gezondheidscentra in de regio, waardoor kinderen goed gemonitord worden op verschijnselen van ondervoeding. Daarnaast is er aandacht voor het verbeteren van water- en sanitaire voorzieningen, hygiëne van huishoudens en onderwijs. Door dit programma is de voedselinname van 1,5 miljoen kinderen verbeterd.

Afbeelding: Rondom theeplantages zijn kinderdagverblijven opgezet, zodat er voor de kinderen gezorgd wordt terwijl hun moeders aan het werk zijn. Op deze manier krijgen kinderen goede voeding en gaan ze naar school. Credits: UNICEF

Netherlands Working Group on international Nutrition (NWGN)

De NWGN is een Nederlands platform voor maatschappelijke organisaties, kennisinstituten, private sector en overheid die internationaal actief zijn op het gebied van voeding.

Landbouw

Het meel van de maisoogst wordt gedroogd (Malawi). Credits T. Samson CIMMYT

Bijdrage aan verdubbeling van productiviteit en inkomen van kleinschalige producerende boerenbedrijven in 2030

Nederland streeft naar een verdubbeling van de productiviteit en inkomens van 8 miljoen kleinschalig producerende boerenbedrijven in 2030. De door Nederland gesteunde projecten richten zich op groei binnen de landbouw om zo een eind te maken aan armoede op het platteland. Ook wordt gewerkt aan betere markttoegang en het schokbestendiger maken van deze bedrijven. In de rapportageperiode zijn 3,7 miljoen boerenbedrijven bereikt. Vooral de toegang tot markten verbeterde. Ook was bij een groot aantal bedrijven sprake van verhoging van productiviteit en inkomen en betere schokbestendigheid. Het einddoel, verdubbeling van productiviteit en inkomen, werd bij 51,000 boerenbedrijven aantoonbaar gerealiseerd.

Resultaatgebied openen

Het meel van de maisoogst wordt gedroogd (Malawi). Credits T. Samson CIMMYT

In het afgelopen jaar werden 3,7 miljoen boerenbedrijven direct bereikt door programma’s die bijdragen aan verhoging van productiviteit en inkomens, aan betere toegang tot markten en aan het verhogen van schokbestendigheid. Deze boerenbedrijven produceren op kleine schaal en worden gerund door meerdere familieleden. Ondersteuning aan deze familiebedrijven wordt onder andere geboden door middel van advies, verbeterde meststoffen en zaaigoed, en verbetering van financiële diensten en infrastructuur. Precieze cijfers ontbreken, maar er worden waarschijnlijk nog altijd meer mannen dan vrouwen bereikt.

Binnen de bereikte groep werd bij 2,5 miljoen bedrijven een betere toegang tot markten vastgesteld, bij 1,2 miljoen een daadwerkelijk toegenomen productiviteit en inkomen en bij 754,000 een grotere schokbestendigheid. De laatste twee cijfers liggen circa een derde lager dan die van vorig jaar. Het verschil zit in een programma in Oost-Afrika dat relatief minder goed presteerde vanwege capaciteitsbeperkingen bij de lokale overheden. Een nieuw programma, dat de uitvoering met meerdere ketenpartijen organiseert, moet nog op gang komen.

Op de lange termijn streven we naar een duurzame verdubbeling van productiviteit en inkomen, waardoor boeren – mannen en vrouwen - en hun gezin blijvend uit de armoede komen. Dit moet in 2030 voor 8 miljoen gerealiseerd zijn. Hierop werd een resultaat geboekt van 51,000 boerenbedrijven, wel met de aantekening dat de betreffende indicator pas in 2018 werd ingevoerd.

Resultaten

Indicator

Verdubbeling productiviteit en inkomen - Aantal boerenbedrijven met verdubbeling van productiviteit en inkomen op de lange termijn

Voortgang

N.v.t.

Om een realistische bijdrage te leveren aan de Sustainable Development Goals (SDGs) wil Nederland tot 2030 minimaal 8 miljoen boerenbedrijven helpen om hun productiviteit en inkomen te verdubbelen. Dit draagt direct bij aan SDG-doelstelling 2.3. Om de voortgang te beoordelen wordt bijgehouden bij hoeveel boeren dit aantoonbaar is gelukt. Belangrijk is dat de verdubbeling van productiviteit en inkomen niet een eenmalig naar blijvend karakter heeft.

In 2018 zijn er in totaal 3,7 miljoen boeren bereikt. Binnen deze groep is er bij 51,000 boeren daadwerkelijk een verdubbeling van productiviteit en/of inkomen op de lange termijn vastgesteld.

Voor 51,000 boerenbedrijven geldt dat productiviteit en inkomen verdubbeld zijn. Dit is nog maar een klein begin voor de in totaal 8 miljoen boerenbedrijven waarvoor dit in 2030 gerealiseerd moet zijn. De indicator is dit jaar voor het eerst gemeten. De komende jaren zijn meer resultaten te verwachten.

Indicator

Productiviteit en inkomen - Aantal boeren met hogere productiviteit en/of inkomsten op de korte termijn

Voortgang

Op schema

Om de voortgang te beoordelen houdt Nederland bij hoeveel boeren hun productiviteit en inkomen aantoonbaar hebben verbeterd. Dit is het resultaat van training, advies en technologische en organisatorische ondersteuning. Ook verbeteringen op het gebied van infrastructuur, landbouwmaterialen en toegang tot financiële diensten dragen hieraan bij.

In 2018 zijn er in totaal 3,7 miljoen boeren bereikt. Binnen deze groep is er bij 1,2 miljoen boeren een verhoging van productiviteit en/of inkomsten op korte termijn vastgesteld.

Met behulp van door Nederland gesteunde projecten hebben 1,2 miljoen boerenbedrijven in 2018 hun productiviteit en inkomen kunnen verhogen. Vergeleken met 2016 is dit een daling van 700,000. Dit verschil wordt verklaard door een programma in Oost-Afrika dat minder goed presteerde in verband met beperkingen bij lokale overheden. Ook moet een nieuw programma, waarbij meerdere partijen betrokken zijn, nog op gang komen.

Indicator

Markttoegang - Aantal boeren met betere markttoegang

Voortgang

Op schema

Om de voortgang te beoordelen houdt Nederland bij hoeveel boeren een betere markttoegang hebben gekregen. De toegang kan verbeterd worden door aanpassing van infrastructuur, ontwikkeling van een voedselketen of het versterken van georganiseerde inkoop en afzet.

In 2018 zijn er in totaal 3,7 miljoen boeren bereikt. Binnen deze groep is er bij 2,5 miljoen boeren verbeterde toegang tot markten vastgesteld.

De door Nederland gesteunde projecten dragen bij aan betere markttoegang voor 2,5 miljoen boeren. In vergelijking met 2016 is dit een stijging van bijna 1 miljoen. Deze stijging is te danken aan een aantal relatief nieuwe activiteiten die voor het eerst op deze indicator rapporteren.

Indicator

Schokbestendigheid van boerenbedrijven - Aantal boerenbedrijven dat bestendiger geworden is tegen stress en schokken

Voortgang

Op schema

Klimaatverandering zorgt voor extra druk op landbouwbedrijven. Temperatuurstijgingen, hevige regenval, droogte of nieuw ongedierte resulteren in slechte oogsten. Om de voortgang te beoordelen houdt Nederland bij hoeveel boeren bestendiger zijn geworden tegen dit soort stress en schokken. Gebruikte methodes zijn klimaatslimme technieken zoals het planten van droogtebestendige gewassen, druppelirrigatie en warmtebestendige opslagfaciliteiten.

In 2018 zijn er in totaal 3,7 miljoen boeren bereikt. Binnen deze groep is er bij 754,000 boeren verbeterde bestendigheid tegen schokken en stress vastgesteld.

De door Nederland gesteunde projecten hebben 754,000boerenbedrijven ondersteund om bestendigheid tegen stress en schokken aantoonbaar te verbeteren. Dit is aanzienlijk minder dan in 2016. Dit komt grotendeels door een programma in Oost-Afrika dat relatief minder goed presteerde vanwege capaciteitsbeperkingen bij lokale overheden. Een nieuw programma, dat de uitvoering met meerdere ketenpartijen organiseert, moet nog op gang komen.

Char Development and Settlement Project (CDSP IV)

Het Char Development and Settlement Project (CDSP IV) in Bangladesh heeft als doel de economische situatie en leefomstandigheden van gemeenschappen op de zuidoostelijke kusteilanden te verbeteren. Hiervoor wordt een geïntegreerde aanpak gebruikt, met aandacht voor water, landbouw en klimaat. Zo krijgen boeren via dit project technische assistentie om duurzamer gebruik te maken van hun land. Daarnaast zijn aan veel boerenfamilies landeigendomsrechten verstrekt. De helft daarvan is verstrekt aan vrouwen om hun positie binnen de gemeenschap te versterken. Met behulp van dit project hebben veel boeren hun productiviteit en inkomsten kunnen verhogen en wordt veel landbouwgrond duurzamer gebruikt.

AgriProFocus

AgriProFocus is een netwerk dat boeren(bedrijven), maatschappelijke organisaties, kennisinstituten en overheden samenbrengt. Dit netwerk streeft naar een samengaan van ontwikkelingswerk en agribusiness. Nederland ondersteunt dit netwerk.

CGIAR

CGIAR brengt organisaties bij elkaar die betrokken zijn bij onderzoek naar een voedselzekere toekomst. Nederland is een van de donoren van CGIAR.

Duurzaamheid

Aantal hectare landbouwgrond dat duurzaam wordt gebruikt

Nederland streeft naar ecologisch duurzaam gebruik van minimaal 7,5 miljoen hectare land in 2030. De door Nederland gesteunde projecten richten zich op slimmer gebruik van natuurlijke hulpbronnen, verbeterd landschaps- en stroomgebiedbeheer en het schokbestendiger maken van landbouwgrond. In de rapportageperiode is via de verschillende projecten 1 miljoen hectare land bereikt. Daarvan wordt momenteel 670,000 hectare eco-efficiënter gebruikt. Verbetering van landschaps- en stroomgebiedbeheer en het schokbestendiger maken van landbouwgrond zijn op minder grote schaal gerealiseerd en moeten de komende jaren verbeterd worden. Het einddoel, conversie naar duurzaam gebruik, werd op 24,000 hectare gerealiseerd.

Resultaatgebied openen

In het afgelopen jaar werd via de programma’s 1 miljoen hectare landbouwgrond bereikt. Hierop werden duurzame praktijken toegepast zoals geïntegreerd bodemvruchtbaarheidsbeheer, agroforestry, gewasrotatie en beter watermanagement. Bij 670,000 hectare kon daadwerkelijk eco-efficiënter gebruik worden vastgesteld. Hiermee wordt de stijgende lijn van de afgelopen jaren doorgezet. De resultaten van verbeterd land- en watermanagement en het schokbestendiger maken van land blijven achter. Hieraan moet de komende jaren meer aandacht besteed worden.

Het aantal hectare grond dat daadwerkelijk omgezet is naar duurzaam gebruik, een van de SDG 2-einddoelen, is voor deze rapportageperiode vastgesteld op 24,000. Dit is in verhouding tot het totale bereik van 1 miljoen hectare nog aan de lage kant. Hierbij moet wel vermeld worden dat dit jaar voor het eerst op deze indicator is gerapporteerd. De indicator, inclusief hoe hierop moet worden gerapporteerd, wordt komend jaar verder ontwikkeld.

Resultaten

Indicator

Duurzaamheid - Aantal hectare landbouwgrond dat ecologisch duurzaam wordt gebruikt

Voortgang

Voortgang, niet op schema

Om een realistische bijdrage te leveren aan de Sustainable Development Goals (SDGs) wil Nederland tot 2030 bijdragen aan een duurzamer gebruik van minimaal 7,5 miljoen hectare land. Dit draagt direct bij aan SDG-doelstelling 2.4. De voortgang wordt beoordeeld door bij te houden voor hoeveel hectare grond dit aantoonbaar is bereikt.

In 2018 is er in totaal 1 miljoen hectare landbouwgrond bereikt. Hiervan is er voor 24,000 hectare grond vastgesteld dat het ecologisch duurzaam wordt gebruikt.

Voor 24,000 hectare grond is vastgesteld dat dit nu duurzaam wordt gebruikt. Dit is een beperkte start voor de in totaal 7,5 miljoen hectare in 2030 waar Nederland een bijdrage aan wil leveren. De indicator is dit jaar voor het eerst gemeten. De komende jaren worden meer resultaten verwacht.

Indicator

Eco-efficiëntgebruik - Aantal hectare landbouwgrond dat eco-efficiënter wordt gebruikt

Voortgang

Op schema

Om de voortgang te beoordelen houdt Nederland bij hoeveel hectare landbouwgrond bebouwd wordt met methodes die slimmer met natuurlijke hulpbronnen omgaan dan gangbare landbouwmethodes. Dit betekent dat op een efficiëntere manier wordt omgegaan met bodem, water en meststoffen.

In 2018 is er in totaal 1 miljoen hectare landbouwgrond bereikt. Hiervan is er voor 670,000 hectare grond vastgesteld dat het eco-efficiënter wordt gebruikt.

Bij door Nederland gesteunde projecten is 670,000 hectare landbouwgrond eco-efficiënter gebruikt. De stijgende lijn van 2015 naar 2016 wordt met dit resultaat ook in 2018 doorgezet.

Indicator

Beheer van natuurlijke omgeving - Aantal hectare landbouwgrond waarvan de natuurlijke omgeving beter wordt beheerd

Voortgang

Voortgang, niet op schema

Om de voortgang te beoordelen houdt Nederland bij van hoeveel hectare landbouwgrond het beheer van de natuurlijke omgeving is verbeterd. Dit wordt bijvoorbeeld gedaan voor stroomgebieden, landschappen en graasgronden.

In 2018 is er in totaal 1 miljoen hectare landbouwgrond bereikt. Hiervan is er voor 11,000 hectare grond vastgesteld dat het natuurlijke gebied rondom de landbouwgrond beter wordt beheerd.

Bij door Nederland gesteunde projecten is 11,000 hectare natuurlijke omgeving rondom landbouwgebied nu beter beheerd. Dit is slechts 10% van het behaalde resultaat van vorig jaar. Oorzaak is de beëindiging van een programma in Ghana dat vorig jaar verreweg het grootste deel aan dit resultaatgebied bijdroeg.

Indicator

Agro-ecologische bestendigheid - Aantal hectare landbouwgrond dat bestendiger is geworden tegen stress en schokken

Voortgang

Voortgang, niet op schema

Om de voortgang te beoordelen houdt Nederland bij hoeveel hectare landbouwgrond bestendiger is tegen schokken en stress. Dit wordt beoordeeld door te kijken naar de methodes die gebruikt zijn voor het verbouwen van voedsel. Methodes als wisselteelt, agro-bosbouw, opvang van regenwater en geïntegreerd beheer van bodemvruchtbaarheid dragen bij aan het bestendiger maken van de landbouwgrond.

In 2018 is er in totaal 1 miljoen hectare landbouwgrond bereikt. Hiervan is 95,000 hectare grond bestendiger gemaakt voor stress en schokken.

Bij door Nederland gesteunde projecten is 95,000 hectare landbouwgrond bestendiger gemaakt voor stress en schokken. Ten opzichte van vorig jaar is dit een halvering, veroorzaakt door een programma in Uganda dat dit jaar aanzienlijk minder resultaat rapporteerde dan het jaar daarvoor. Dit staat haaks op het feit dat klimaatverandering een steeds negatievere invloed heeft. Er zal in de toekomst meer moeten worden bereikt op deze indicator.

Geodata for Agriculture and Water (G4AW)

Kleinschalige boeren in Oeganda zijn steeds kwetsbaarder voor de risico’s die samenhangen met klimaatverandering. Het door het Netherlands Space Office (NSO) gesteunde SUM-Africa heeft op basis van geodata een innovatief microverzekeringsproduct ontwikkeld dat deze boeren beschermt tegen klimaatrisico’s. In de video zien we Margret aan het werk op haar land. Ze is inmiddels verzekerd tegen een mislukte oogst en legt uit hoe dit haar leven heeft beïnvloed.

Het Nederlandse programma G4AW verbetert de voedselzekerheid in ontwikkelingslanden door gebruik te maken van satellietgegevens. Het Netherlands Space Office (NSO) voert dit programma uit in opdracht van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Het programma is gestart in 2013 en inmiddels zijn er 23 G4AW-projecten in uitvoering door publiek-private partnerschappen in 14 landen in Azië en Afrika. Doel is voor 2022 4,5 miljoen kleinschalige boeren bereikt te hebben.

Om dit te realiseren zijn waardeketenactoren nodig voor het creëren van nieuwe marktkansen en schaalbare oplossingen rond G4AW-diensten. Door te communiceren over de resultaten van de projecten wil het programma zowel publieke als private partijen (buitenlandse investeerders, regeringen, ontwikkelingsbanken en verzekeringsmaatschappijen) oproepen om tegemoet te komen aan de behoeften en beperkingen van de boeren. Doel is toegang bieden tot G4AW-diensten en schaalvergroting van de dienstverlening.

De website van Geodata for Agriculture and Water

Lees hier meer over G4AW en de projecten in de verschillende landen

Adaptation for Smallholder Agriculture Programme (ASAP) – IFAD

Het ASAP-programma is een van de grootste IFAD-programma’s op het gebied van klimaatfinanciering voor kleine boerenbedrijven. Nederland is een van de donoren die bijdraagt aan dit programma.

Randvoorwaarden

Een groep vrouwen in Dedougou, Burkina Faso, bekijkt de resultaten van het ‘participatory mapping’ onderzoek waaraan ze net hebben deelgenomen. Credits: Manon Koningstein

Betere randvoorwaarden voor voedsel- en voedingszekerheid

Betere randvoorwaarden leveren een indirecte bijdrage aan het behalen van de einddoelen voor SDG 2. Nederland is het meest actief op de volgende randvoorwaarden:
landgebruiksrechten verbetering van kennis van en toegang tot technologie voor boeren verbetering van de positie van vrouwen binnen de landbouw Voor deze drie randvoorwaarden zijn geen streefwaarden vastgesteld. Wel zijn aansprekende resultaten geboekt.

Resultaatgebied openen

Een groep vrouwen in Dedougou, Burkina Faso, bekijkt de resultaten van het ‘participatory mapping’ onderzoek waaraan ze net hebben deelgenomen. Credits: Manon Koningstein

Randvoorwaarden zijn van groot belang om de einddoelen van SDG 2 te realiseren. Er zijn veel verschillende randvoorwaarden, variërend van de versterking van landelijke instituties tot verbetering van de toegang tot kennis voor kleine boerenbedrijven. Binnen deze grote hoeveelheid opties is gekozen voor drie randvoorwaarden die goed aansluiten bij het Nederlandse beleid.

De eerste randvoorwaarde is het waarborgen van landgebruiksrechten. Landgebruiksrechten zijn essentieel om de veiligheid van investeringen van boeren, en vooral van boerinnen, te garanderen en op die manier meer zekerheid te creëren voor de lange termijn.

De tweede randvoorwaarde is toegang tot kennis en technologieën ofwel innovatie. Training en advies op maat die past bij de context waarin boeren werken is van groot belang om bijvoorbeeld de productiviteit te verhogen. Dat geldt ook voor onderzoek en ontwikkeling van innovaties. Om dit te bereiken ondersteunt Nederland wereldwijd organisaties voor onderzoek, opleidingen en trainingen.

De derde randvoorwaarde is gender, een dwarsdoorsnijdend speerpunt in het Nederlandse ontwikkelingsbeleid en als zodanig van belang binnen de hele breedte van de inzet op voedselzekerheid. Het gaat hier vooral om de daadwerkelijke versterking van de positie van vrouwen (empowerment) in landbouw en voedselketens.

Resultaten

Indicator

Landgebruiksrechten - Aantal boeren waarvoor landgebruiksrechten zijn gewaarborgd

Voortgang

N.v.t.

107,000 boeren

Om te voortgang te beoordelen houdt Nederland bij hoeveel boeren – mannen en vrouwen - een formele titel of ander recht hebben verkregen dat de toegang tot land garandeert. Dit maakt veilig investeren mogelijk en biedt boeren meer kansen op een stabiel inkomen.

Gewaarborgde landgebruiksrechten zijn essentieel voor duurzame ontwikkeling en het veiligstellen van investeringen in landbouw. Met behulp van door Nederland ondersteunde projecten hebben 107,000 mensen landgebruiksrechten verkregen. Vanwege aflopende programma’s ligt dit aantal lager dan in voorgaande jaren. Zomer 2019 gaat een nieuw programma van start, waarin landgebruiksrechten voor vrouwen als resultaatsgebied speciale aandacht krijgt. Ook steunt Nederland verschillende relevante internationale netwerken op dit gebied zodat ervaringen en kennis gedeeld worden.

Indicator

Kennis - Aantal boerenbedrijven dat voorzien is van nieuwe kennis, technologieën en/of vaardigheden

Voortgang

N.v.t.

502.000 boerenbedrijven

Om de voortgang te beoordelen houdt Nederland bij hoeveel kleinschalig producerende boerenbedrijven toegang hebben tot nieuwe kennis, technologieën en/of vaardigheden. Deze toegang komt onder meer tot stand via training, advies of gebruiken maken van nieuwe methodes of technologie. We kijken ook naar het aantal innovaties dat vanuit het onderzoek worden ontwikkeld.

Betere kennis en technologieën zijn essentieel voor de ontwikkeling van boerenbedrijven. In 2018 hebben dankzij Nederlandse steun 502,000 boerenbedrijven toegang gekregen tot nieuwe kennis, technologieën, vaardigheden of een combinatie hiervan. Daarnaast zijn er vanuit het onderzoek 128 innovaties ontwikkeld.

Indicator

Gender - Aantal vrouwen met versterkte positie in de landbouw

Voortgang

N.v.t.

Gender is een speerpunt in het Nederlandse ontwikkelingsbeleid. Verschillende projecten hebben vrouwen als doelgroep bij landbouw- en voedingsinterventies. Uitgangspunt moet zijn dat van het totaal aantal bereikte boeren (3,7 miljoen) minstens de helft uit vrouwen bestaat. Een stap verder gaat de vraag in hoeverre deze bereikte vrouwen hun positie hebben kunnen versterken. Dit wordt gemeten aan de hand van de Women Empowerment in Agriculture Index of een daaraan verwante methodologie.

Dit jaar hebben 514,000 vrouwen baat gehad bij voedsel- en voedingszekerheidsinterventies. Voor 113,000 vrouwen is de positie aantoonbaar verbeterd. Dit is een acceptabel resultaat, aangezien deze indicator dit jaar voor het eerst is toegepast en nog niet binnen alle activiteiten is ingevoerd. De verwachting is dat het aantal vrouwen dat bereikt wordt toeneemt als de indicator breed wordt toegepast.

Securing Women’s Land Rights in Africa: Scaling Impact in Senegal, Kenya, Malawi and Mozambique

Securing Women’s Land Rights in Africa: Scaling Impact in Senegal, Kenya, Malawi and Mozambique

Het onderzoek Securing Women’s Land Rights in Africa is actief in Kenia, Mozambique, Malawi en Senegal. Het onderzoek identificeert succesvolle initiatieven die gericht zijn op bevordering en uitbreiding van de toegang van vrouwen tot landbouwgrond. In het onderzoek staan de stem en de visie van vrouwen centraal. Ze worden actief betrokken in het verzamelen van data, wat hun rol in discussies vergroot. Verschillende experts op het gebied van landgebruiksrechten voor vrouwen zijn in het project samengebracht, zoals de vrouwelijke champions, lokale leiders, academici en ontwikkelingswerkers. Het contact tussen deze experts, die betrokken zijn bij de verschillende initiatieven in de vier landen, heeft de impact van de lokale initiatieven verbeterd en vergroot.

Afbeelding: Thierno Sall (Enda Pronat)

Securing Women’s Land Rights in Africa

Het onderzoek naar landgebruiksrechten voor vrouwen in Kenia, Mozambique, Malawi en Senegal is uitgezet door LANDac en gefinancierd door het ministerie van Buitenlandse Zaken. Op deze website zijn alle resultaten van dit onderzoek te vinden.

LANDac

LANDac is de Nederlandse academie voor landgebruiksrechten. De academie brengt netwerken samen, deelt informatie en doet onderzoek naar land-gerelateerde conflicten en ongelijkheden op het gebied van landgebruiksrechten.

Food & Business Knowledge Platform

Het Food&Business Knowledge Platform streeft naar het samenbrengen van actoren uit verschillende sectoren die werken aan landbouw en voedsel. Hun kennis wordt gebundeld en gedeeld en draagt zo bij aan de verbetering van beleid en uitvoering op dit gebied.

Achtergrond informatie thema voedsel- en voedingszekerheid

Achtergrond

De rapportage laat de voortgang zien van de Nederlandse inzet op de doelen van SDG 2: in bereik, korte-termijn effecten en lange-termijn uitkomsten. Twee aspecten zijn hierbij van belang:

1. Het nauwkeurig bepalen, meten en optellen van effecten en uitkomsten is een uitdaging. De geaggregeerde resultaten geven een indicatie en moeten niet als ‘exact’ worden geïnterpreteerd.

2. Naast de hier gepresenteerde cijfers zijn er nog veel specifieke resultaten die niet te aggregeren zijn. Andere resultaten zijn moeilijk of niet kwantitatief meetbaar. De hier gepresenteerde resultaten geven dus niet een compleet beeld.

De IOB beleidsdoorlichting over de inzet van voedselzekerheid 2012-2016, die vorig jaar is gepubliceerd, geeft meer details over de effectiviteit van onze inzet. Boodschap van die evaluatie is om meer samenhang aan te brengen, zowel binnen de inzet op voedselzekerheid als met aangrenzende thema’s. Aanbevolen wordt om daarbij een voedselsysteembenadering toe te passen waarin voeding centraal staat.

Blik op de toekomst

Om de beoogde Nederlandse bijdrage aan de SDG 2-doelen te realiseren binnen de huidige financiële inzet en de verschuiving naar de nieuwe focusregio’s (Sahel, Hoorn van Afrika, Midden Oosten en Noord-Afrika), zijn twee zaken het vermelden waard:

1. Er zal een verschuiving plaatsvinden naar programma’s die werken aan duurzaam gebruik van landbouwgrond. De verwachting is dat hierdoor meer resultaten behaald zullen worden op het SDG 2-doel over duurzame voedselproductiesystemen.

2. Er gaat meer aandacht besteed worden aan het meten van effecten, met name op de lange termijn. Door meer duidelijkheid te creëren over de wijze van rapporteren over lange-termijn effecten verwachten we op dit punt meer resultaten te behalen.

Aanvullende bronnen

Themapagina Voedselzekerheid op Rijksoverheid

Hierop kunt u meer lezen over het Nederlandse beleid voor wereldwijde voedselzekerheid

NL Global Issues

Krijg een indruk van onze werkzaamheden op Facebook

Video hoe Nederland de voedseluitdaging voor 2030 aanpakt

In deze video wordt uitgelegd hoe Nederland samen met partners de voedseluitdaging voor 2030 aanpakt

Sustainable Development Goal 2: Zero Hunger

Nederland draagt bij aan het behalen van SDG 2. Op deze pagina vindt u een overzicht van alle doelstellingen van SDG 2 en de wereldwijde voortgang

Uitgaven per kanaal

Uitgaven